Bebakening en markering van wegen

Voor CROW et cetera, tijdschrift van kennisplatform CROW, schreef ik over de actualisatie van de Richtlijn Bebakening en Markering van wegen. Klinkt ingewikkeld, laat ik het daarom zo zeggen: hoe moeten de paaltjes en strepen op de weg eruit zien?

Nieuwsverhaal

Richtlijnen voor de bebakening en markering van wegen 2015: dynamische bundeling van kennis

De actualisatie van de Richtlijnen  voor de bebakening en markering van wegen  rolt binnenkort van de pers. Wat zijn de belangrijkste veranderingen? En wat is de waarde voor mensen uit de praktijk? Marleen Hovens (CROW), Bert Elbersen (RWS) en Cees Prins (gemeente Breda) leggen het uit.

Deskundigen vanuit het hele werkveld werkten vanaf 2013 aan verbeteringen van de Richtlijnen uit 2005. Provincies, grote en kleine gemeenten, Rijkswaterstaat, waterschappen en specialisten vormden de werkgroep. Een consultatiegroep met vertegenwoordigers van de ANWB, leveranciers, politie en belangenverenigingen dachten mee. Het doel: een wegennet waar markering en bebakening de weggebruiker geleidt,  vertelt op welk type weg hij zich bevindt en hoe hij in welke situatie moet handelen. “Het is een bundeling van alle actuele kennis’’, zegt Marleen Hovens. “Deze actualisatie is volgens de betrokken deskundigen de meest veilige manier van bebakening en markering.’’

Hectometerborden

Een belangrijke vernieuwing is de plaatsing van ‘1000 meterborden’ langs rijkswegen. “Dat zijn hectometerborden waar op elke hele kilometer ook de geldende maximum snelheid staat aangegeven. Er zijn vijf varianten: 100, 120 en 130 (permanent) en 100 respectievelijk  120 voorzien van het tijdvenster 7-19h ’’, vertelt Bert Elbersen, voorzitter van de projectgroep. “Op een  aantal wegen is de afgelopen jaren de maximumsnelheid aangepast naar 130 km/h. Voor weggebruikers bleek 100 -120-130 soms lastig te begrijpen. Deze bordjes bieden uitkomst.’’

Turborotondes

Een ander fenomeen dat zich in de afgelopen jaren ontwikkelde is de ‘turborotonde’. Voor deze rotonde, waar de weggebruiker al voor het oprijden voorsorteert, bestond in 2005 nog geen eenduidige richtlijn voor bebakening en markering. Nu wel. “Er is vaak een verhoogde barrière tussen de rijstroken. In de Richtlijnen staat bijvoorbeeld hoe je deze barrière goed zichtbaar maakt. Op veel wegen zie je dat de wegbeheerder gebruik maakt van wegdekreflectoren, of actieve markering’’, aldus Elbersen.

Markering fietspad

Het kan voorkomen dat er een paaltje of een middengeleider in het fietspad aangebracht wordt. In de Richtlijnen staat aangegeven dat een inleidende markering dan noodzakelijk is. Er is (nog) geen tekening toegevoegd. Zodra duidelijk is wat een goede inleidende markering is, wordt dit opgenomen in de online versie van de Richtlijnen. Nieuw in de Richtlijnen is dat op vrijliggende fietspaden in bepaalde situaties kantmarkering wordt geadviseerd.

Verheldering

De actualisatie is logischer ingedeeld, voorzien van betere illustraties en eenduidige teksten. Onderwerpen waar onduidelijkheid over was worden naar voren gehaald, zoals de blokmarkering voor fietsoversteekplaatsen. Cees Prins, adviseur infrastructuur van de gemeente Breda: “In het Verdrag van Wenen heeft  blokmarkering de betekenis van voorrangsmaatregel, gelijk aan de haaientanden. Toch brengen sommige wegbeheerders nog steeds een blokmarkering aan op plaatsen waar fietsers geen voorrang hebben. Op die plekken wordt echter geen markering toegepast, of er worden kanalisatiestrepen aangebracht.

Waardevol

Richtlijnen zijn niet bindend. Toch handelt vrijwel elke wegbeheerder naar de richtlijnen van CROW. Cees Prins: “Bij geschillen wordt gekeken of de wegbeheerder zich aan de richtlijnen heeft gehouden. Je kan ervan afwijken, maar dan moet je wel een goed beargumenteerd verhaal hebben.’’

De Richtlijnen voor de bebakening en markering van wegen 2015 wordt deze maand gepubliceerd als boek en online gepubliceerd in de kennismodule Meubilair en Installaties. Het publicatienummer blijft 207.  Marleen Hovens: “Ik voorzie dat een dergelijke actualisatie in de toekomst niet meer wordt gedaan. Nieuwe ontwikkelingen worden sneller in de online omgeving verwerkt.”

Dit artikel werd geplaatst in het februarinummer van CROW et cetera